GESCHIEDENIS

Het Holtus Eiland
  1. Algemeen
  2. Ontwikkeling
  3. Maart 1945
  4. Schenking van het Holtus Eiland
  5. 17 Mei 1946: Officiële Schenking
  6. 1ste Kamp
  7. Problemen
  8. De van Hasseltstichting
  9. Schot voor de Boeg
  10. Veranderingen, verbouwingen, vernieuwingen
  11. Financiën
  12. De kijk in de toekomst
  13. Hoe nu in de toekomst?
  14. Vragen en zorgen
  15. Tot Besluit

Geschiedenis van de Loosdrechtse Plassen
  1. Het ontstaan van de plassen
  2. De geschiedenis van het landschap de Vechtstreek
  3. Ontwikkeling van de Vechtstreek
  4. Gemeente Loosdrecht
Impressie van de Loosdrechte Plassen
  1. De Loosdrechtse Plassen rond
  2. Kaart van de Loosdrechtse Plassen
  3. Aankomst op de Loosdrechtse Plassen
  4. De 1e Plas
  5. De 2e Plas
  6. De 3e Plas
  7. De 4e Plas
  8. De 5e Plas
  9. De Vuntus
  10. De Breukeleveense Plas

Het Holtus Eiland

Omhoog

Algemeen

Al meer dan 55 jaar worden op het Holtuseiland, gelegen in het schitterende natuur van het Loosdrechtse plassen gebied tijdens de zomervakantie zeilkampen georganiseerd voor jongeren vanaf 12 tot en met 17 jaar. Ook deze zomer zal door de Stichting Holtuszeilkampen weer een 3-tal kampen worden verzorgd. Aangezien deze kampen volledig door vrijwilligers wordt geleid is het mogelijk een relatief lage deelnemersbijdrage te hanteren. Daarmee is de Stichting Holtuszeilkampen in staat om veelal voor minder dat de helft van prijs van de reguliere zeilscholen, zeilweken te organiseren. De kampen zijn gekarakterizeerd door enigszins primitieve omstandigheden.
Zoals gezegd vindt het gebeuren op een eiland plaats waar desalniettemin alle voorzieningen tegenwoordig aanwezig zijn. Gezeild wordt in zogenoemde 16m2 zeilboten, ookwel vergrote BM's genaamd. Het eiland is in bezit van een slaap-ark 'Ome Jan', kano's, surfplanken, roeiboten, kampvuurplaats, etc. Aangezien het een zeilkamp betreft en niet een zeilschool worden deze kampen gekarakterizeerd door een iets wat informeler gebeuren, wat met zich meebrengt dat de deelnemers 'vrij' zijn een van de zeildiploma's te halen. Daarnaast bieden deze kampen dan ook de ruimte voor andere bezigheden zoals zwemmen, surfen, kanoen, voetballen, etc. Verder zijn de kampen gesplitst in aparte jongens- en meisjeskampen.

Omhoog

Ontwikkeling

We zaten intussen in de jaren 1939, 1940-1945 midden in de oorlog en zwaar onder de druk der Duitse overheersers. Niettemin groeide die ene zeildag in Kortenhoef uit tot steeds terugkerende zeilweken; de voedselbonnen gaven weliswaar grote moeilijkheden, de veelvuldige razzia’s op de oudere deelnemers van deze zeilweek noodzaakte ons tot grote voorzichtigheid: ‘t was geen zeldzaamheid dat zij door de Duitse Polizei met het geweer in de aanslag, postend op de kleine eilandjes, werden gedwongen tot aanleggen om in de boten te zoeken naar eventuele onderduikers. Maar, zoals ik zei, de zeilweken gingen door en ons terrein van zeilen lag toen al voornamelijk in Loosdrecht; de eerste jaren in ons schuurtje van Fam. v. Dijk (thans het bekende jazz-concoursgebouw) en later in de kraakheldere schuur van de Fam. Karsmeijer; de Hr. Karsmeijer was ‘n groot kaasboer en Ouderling van de protestantse Gemeente in Loosdrecht; als de jongens naar bed waren brachten we veel gezellige avonden met de familie door; het waren gastvrije mensen; dat wij als katholieken uit het zuiden op Zondag zeilden kon hij weliswaar moeilijk verwerken, maar het was voor hem gelukkig geen reden om ons moeilijkheden in de weg te leggen.
Toen de Duitsers ons het zeilen op Loosdrecht te gevaarlijk maakten verlegden we voor een paar jaar ons vaarwater naar de Kaag, waar we weer even vriendelijk onderdak genoten in de schuur van de Familie Loogman. Zo verliepen de oorlogsjaren en ondanks de moeilijkheden, die daaruit voortvloeiden, werden de zeilweken een bijna niet-meer-weg-te-denken gebeurtenis voor het jonge volkje van St. Odulphus. Hier moet nog even vermeld worden- (en dat moge u misschien in deze samenhang vreemd lijken en als niet ter zake dienend, maar toch in wezen zoals u later zult horen, was het van grote betekenis )- dat Moderator van Miert en ondergetekende tijdens deze kampen bij de zusters in Loenen de H. Mis vierden met als misdienaar ‘n knaap Jan Delia van Hasselt!
En toen... geschiedde het wonderlijke (ik sprak u toch reeds van de wonderlijke ontwikkeling in deze zeilgeschiedenis). Op ‘n goede dag kruisten Moderator van Miert en ik op Loosdrecht de koers van ‘n klein jachtje met aan de helmstok onze misdienaar Jan Delia. Op mijn vraag hoe hij hier zo kwam, deelde hij mede dat zijn vader hier ‘n mooi eiland had met zijn jacht dat op dat moment langszij lag. “Of wij ‘ns mee gingen kennis maken”. De ontvangst was erg hartelijk, het eiland prachtig en schitterend gelegen waar de Drecht van Mijnden op de eerste plas uitmondt. (Op de kaart stond het aangegeven onder de naam Nieuw-Schokland en gelegen aan ‘n nauwe doorgang naar de 2e Plas, Hondegat genaamd).

Omhoog

Maart 1945

In maart 1945 kwam er ‘n lelijke kink in de kabel: waar Moderator van Miert en ondergetekende tot nu toe steeds in hechte vriendschap deze kampen organiseerden en leiden, werd aan deze samenwerking een halt toe geroepen door mijn benoeming tot Moderator van het St. Jan- en Maria-lyceum in Den Bosch.

Omhoog

Schenking van het Holtus Eiland

Het bloed kruipt waar het niet gaan kan! de kans om ook de jeugd van deze lycea kennis te doen nemen van de gezonde geneugten van de zeilsport was te mooi om niet te benutten en... hetzelfde jaar zeilde zij ook onder mijn hoede op Loosdrecht rond! Aangezien echter de huisvestiging in Loosdrecht voor de lyceïsten uit Den Bosch enige moeilijkheid gaf, trok ik de stoute schoenen aan en vroeg de Heer van Hasselt of wij op zijn eiland ‘n paar weken mochten verblijven. Dit werd direkt toegestaan. De Heer van Hasselt “ging toch varen en zodoende ging dat best!” Tijdens dit kamp in tenten kwam de Hr. v. Hasselt ‘n paar keer kijken met ‘n klein jacht en... op ‘n mooie dag (ik zal ‘t niet vlug vergeten) kwam hij weer en nu met de nuchtere mededeling: Mhr. Holtus, ik vind dit zoo’n mooi werk wat U doet; ik kom U het eiland schenken”! Wij schreven het jare 1945.
In één slag was ik bezitter van ‘n eiland midden in een groot zeilgebied; van nu af stonden alle mogelijkheden open tot zeilgenot voor de jeugd; wèg waren voortaan de moeilijkheden van huisvesting; de kapitulatie van Duitsland was intussen ‘n feit geworden; mensen, wat wil je nog meer! Beste lezer, mocht u nu menen, dat alles nu rozegeur en maneschijn was, dan vergist u zich toch. Aan de horizon van deze blijde helderblauwe hemel tekenden zich al vlug enige donkere wolkjes af: wat zou het onderhoud van zoo’n eiland gaan kosten? Wie zou het onderhoud uitvoeren? Zou er steeds voor voldoende bezetting gezorgd kunnen worden? Zou één man dit alles op zich kunnen nemen? Moest van deze schenking geen notariële acte komen? Moest er geen vaste huisvesting op het eiland geschapen worden? etc. etc.

Omhoog

17 Mei 1946 Officiële schenking

17 Mei 1946 kwam de schriftelijke bevestiging van de schenking; de door de Hr. v. Hasselt geschreven- en nog in mijn bezit zijnde- brief luidde als volgt:

M.s. “Mieke”
varende op
Boven Maas
Zeer Eerw. heer Holtus

Uw brief werd mij nagezonden en beantwoordt hem omgaande. De overschrijving van het eiland is een formaliteit, die nu eenmaal moet worden vervult. Ik zal de Heer Notaris nog ‘ns opzoeken. Het eiland echter is uw eigendom en U kunt er dus mee doen wat U wilt. (onderstreping door de Hr. v. Hasselt volgen nu enkele adviezen)

t.a.t.
(ondertekening)

Omhoog

1ste kamp

Intussen, het 1e kamp op het nieuw verkregen eiland werd een feit; ‘t was Juli 1946; er kwam ‘n toilet en voor de huisvesting werd een grote directiekeet gehuurd. De deelname was overvloedig: 2 weken meisjes Maria-lyceum Den Bosch. 2 weken jongens St. Jans-lyceum Den Bosch. 3 weken jongens Odulphus-lyceum Tilburg.

Omhoog

Problemen

De "Kampeerwagen"
Edoch... de 1e dag was amper aangebroken of de rivierpolitie stapte aan wal. “Mijnheer Holtus, U moogt hier geen directiekeet plaatsen; U moet ze dus afbreken”. ‘n Donderslag bij heldere hemel! Gelukkig herinnerde ik mij ‘n enthousiast bezoek van de Burgermeester van Loosdrecht aan ons kamp ‘n jaar tevoren. Bij hem de situatie uiteen gezet en raad gevraagd. “Weet U wat U doet? zet er maar aan weerszijde ‘n paar wielen tegenaan en zeg aan de politie dat het een kampeerwagen is; zij zullen dan wel een proces maken, maar dat rekken we wel tot uw kampen afgelopen zijn.” De politie was even overdonderd, maar... zij begrepen het en wij waren gered. Echter alleen voor dat jaar; in de loop van het volgend jaar kwam er een gemeentelijke verordening, die het plaatsen van tijdelijke gebouwen op de eilanden in Loosdrecht verbood. Ten einde raad ‘n telefoontje naar de Hr. v. Hasselt; na ‘n uur kwam antwoord: “Ik heb ‘n schip voor U; ‘t kost fl. 1850,- ; ik zal zorgen dat het op mijn werf klaargemaakt wordt om er met 30 personen in te bivakkeren. U moet echter nu beslissen.” Hoewel het voor mij ‘n nogal grote beslissing was, besloot ik positief over de telefoon. Bij de rekening nadien bleek dat de Hr. v. Hasselt de onkosten van de verbouwing van het schip, zijnde fl. 1.248,55 voor zijn rekening had genomen!
Zeil kapot
Zomer 1947 begonnen wij onze kampen met het klaargemaakte schip, dat door de sleepboot van de Vahali-werf naar Loosdrecht werd gesleept; het was ‘n oude oersterke tjalk; in het ruim waren 30 opklapbare bedden gemaakt; alles eenvoudig maar sfeervol; wij noemden het schip “Ome Jan” uit dankbaarheid aan de heer van Hasselt (Jan v. Hasselt). Het kamp was nog geen 2 dagen oud of de rivierpolitie stapte weer aan wal ( beste lezer, het verhaal wordt misschien vervelend, maar, ik zij u reeds: het ging niet altijd over rozen). “Mijnheer Holtus, er mogen geen woonboten meer aan de eilanden liggen: u moet dus weg!” Weer een beroep op de burgermeester. Op diens vraag of er een mast op het schip stond kon ik bevestigend antwoorden. “Weet u wat u doet; zeg aan de politie, dat U met de jeugd op tocht bent en dat het zeil stuk en bij de zeilmaker is; wanneer het klaar is weet u niet.” Nu na 26 jaar is het zeil “nòg stuk” en de rivierpolitie komt zo nu en dan heel vriendelijk informeren of de zaak nog niet gerepareerd is! Een gezonde ontspanning, aan de jeugd aangeboden, vindt gemakkelijk vriendelijke helpers!
Vanaf die datum werd de “Ome Jan” jaarlijks in Juli naar Loosdrecht gebracht en in September weer teruggehaald naar Den Bosch waar zij dienst deed als troeplocaal voor de Zeeverkenners; de sleeppartijen achter de Janssensboten, die dit steeds gratis deden, was een feest op zich! Even voorbij Utrecht, bij Zuilen op het Amsterdam-Rijnkanaal werd losgegooid of opgepikt en wij moesten de “Ome Jan” 20 km door de vecht en de Drecht naar- of van Loosdrecht bomen of jagen!!

Omhoog

De van Hasseltstichting

De organisatie, de financiering en de verantwoording werden mij toch ‘n beetje zwaar; weliswaar kreeg ik wat hulp in de persoon van de Heer Stumpel, schipper van de Bossche zeeverkenners, maar practisch drukt alles toch alleen op mij. De oplossing kwam in de oprichting van een stichting.
18 Maart 1948 werd voor Notaris C. v. Dam de Van Hasseltstichting ‘n feit! In deze stichting namen zitting de Heren H. Enneking, industrieel, Kleintjes, Bankdirecteur, beiden uit Tilburg, Dr. S. Leeuwens, Gynaecoloog uit Utrecht, Mr. Loeff, burgermeester van Den Bosch, de Heer J. Stumpel, Wijnhandelaar, beiden uit Den Bosch, Drs. Fr. v. Miert, Moderator in Tilburg en L. Holtus, Moderator in Den Bosch. Ik ben deze Heren veel dank verschuldigd; het was een hele verlichting me door hen gesteund te weten in vele beslissingen.
Mede door hun hulp kwam 21 Maart 1948 ‘n renteloze lening tot stand, nominaal fl. 5000,- verdeeld in stukjes van fl. 10,- welke voor het merendeel in Tilburg geplaatst werden.
Intussen was door het schrijven van de Hr. v. Hasselt (zie boven) het eiland wel mijn eigendom, maar juridisch was nog niets vastgelegd. Aangezien het klaarblijkelijk de bedoeling van de schenker was het eiland voor de jeugd te gebruiken, was ik van mening, dat deze doelstelling het best verzekerd was in de handen van de Stichting. Voorjaar 1949 zaten wij dan ook met alle leden van de Stichting te Loenen in het ouderwetse huis van Notaris van Kempen. Ik geloof, dat niemand van de Heren de ouderwetse situatie vergeten zal welke we daar meemaakten; we hebben enorm veel plezier gehad. Daar werd de schenking aan de Van Hasseltstichting ‘n juridisch feit.

Omhoog

Schot voor de boeg

Nog even dreigde ‘n moeilijkheid met de Kerkelijke Overheid.
In ‘t begin van dit verhaal sprak ik over de unieke ontwikkeling in deze zeilgeschiedenis. Tot nu toe bestonden er nog maar enkele zeilscholen in den lande en dan nog alleen op neutraal gebied. Ik geloof dat wij de eerste waren uit het katholieke kamp, die met ‘n dergelijke onderneming begonnen. U begrijpt, dat dit door de kerkelijke overheid met zorgelijke en wantrouwige ogen bekeken werd. ‘t Was ook in die dagen, dat van de preekstoelen in de omtrek van Utrecht de banvloek rolde over de toestanden in het “Sodoma en Gomorha” van Loosdrecht! Al vlug kwam het “schot voor de boeg” in de persoon van de Hr. Han Fortman, die op ‘n goede dag onaangekondigd op het eiland verscheen klaarblijkelijk gezonden tot controle! Om kort te zijn: ‘n volle dag zeilde hij naar hartelust met de jongelui en ging vol enthousiasme ‘s avonds weg! Het jaar daarop - naar ik meen - ging de eerste officiële katholieke zeilschool van start: het Vossehol op de Kaag!

Omhoog

Veranderingen, Verbouwingen, Vernieuwingen

September 1950
Tot aan dit tijdstip werden de kampen regelmatig bevolkt door meisjes van het Maria-lyceum, jongens van het St. Jans-lyceum uit Den Bosch, jongens van het St. Odulphus-lyceum uit Tilburg en nu en dan door zeeverkenners uit Den Bosch. In September 1950 kwam in deze bevolking ‘n verandering tengevolge van mijn benoeming tot pastoor van het Villapark in Eindhoven; de relatie met Den Bosch werd verbroken en de opengevallen kampen werden van nu af bezet door de jeugd van het Villapark in Eindhoven. Sinds dien ging alles gemakkelijker lopen; regelmatig gingen werkgroepen van jongens uit Eindhoven onder de Kerst-Paas en Herfstvakantie aan het eiland en de boot werken; bij zwaar werk gingen vele weekenden de vaders van de jongens helpen.
Voorjaar 1957
In het voorjaar 1957 werd de “Ome Jan” naar Eindhoven gehaald en daar voorzien van een bovenbouw: ‘n mooie zaal van 10 bij 3 meter. ‘n Hele verbetering vooral bij slecht weer. Dit werk werd geheel gratis uitgevoerd door de vaders, en de Machinefabriek Mandigers gaf daarvoor belangeloos het gebruik van haar machinerieën. Het gehele werk kostte fl. 1.062,58. Het was nu niet meer mogelijk de boot ieder jaar te verslepen en de “Ome Jan” bleef nu voortaan ‘s winters aan het eiland liggen.
Voorjaar 1958
Voorjaar 1958 gaf ik, na overleg met de Stichtingsleden, opdracht aan de Firma A. Salier en Proost te Hillegom ‘n groot stuk aan het eiland aan te spuiten waardoor we ‘n mooi speelveldje als aanwinst kregen. De kosten fl. 3500,- werden gefinancierd uit ‘n gift van de Hr. v. Hasselt en een gift van fl. 1500,- welke ik had losgekregen bij de Katholieke Jeugdraad in Eindhoven uit een gift van de N.V. Philips. Het aanleggen van een noodzakelijke beschoeiing van dat stuk zou een kostbare geschiedenis geworden zijn, ware het niet, dat ook hier de vaders in meerdere weekenden dit enorme werk gratis hadden verricht.
Ondanks deze regelmatige hulp van de vaders en de werkkampen van de jongens demonstreerde zich toch ieder jaar vele noodzakelijke vernieuwingen. De paaltjes van de oude beschoeiing werden op vele plaatsen rot; met vereende krachten van aannemer en jongens werden de rotte palen vervangen door nieuwe; steeds moesten schepen met puin en grond aangevoerd worden en dan steen voor steen en kruiwagen voor kruiwagen door de jongens gelost en tegen de oever gestort worden. En steeds bleven de golven beuken en grond wegnemen! Rondom de haven ontstond van lieverlede door de natte kampen ‘n modderpoel; in Eindhoven gratis verkregen betonplaten, nauwelijks te tillen door 4 sterke knapen, werden belangeloos bij de dichtstbijzijnde haven afgeleverd en over het water door de jongens per roeiboot naar het eiland gebracht. Zo bleef er werk aan de winkel!
1968/1969
De grootste zorg en de meest kostbare geschiedenis bleef de beschoeiing, die steeds weer aanvoer van grond en puin vergde totdat in December 1968 het bestuur van de Stichting besloot om een afdoende damwand te plaatsen. Aan aannemer Robbertse te Loosdrecht werd opdracht gegeven in 1969 de damwand te plaatsen over de gehele lengte van de haven op 23 meter na. De kosten beliepen ± fl. 21.000,-. De heer Kleintjes zorgde voor ‘n krediet van fl. 10.000,- ; de penningmeester de Hr. Stumpel had nog fl. 6000,- in kas; de rest werd geleend.
1973
In 1973 werd het resterende deel van de damwand ( 23 meter ) geplaatst voor de prijs van fl. 12.000,-. Hiermede werd het werk afgesloten, dat ons niet alleen jaarlijks grote onkosten bespaarde aan “voorzieningen eiland”, maar ook enorm veel arbeid uit handen nam.

Omhoog

Financiën

Door het tot stand komen van de vele bovengenoemde voorzieningen is er ‘n zekere rust gekomen in de gang van zaken, welke natuurnoodzakelijk met zich mee brengt ’n duidelijkere kijk op de financiële toestand van de stichting. Vanzelfsprekend is het de bedoeling dat de penningmeester op de bijeenkomst van het bestuur van de Stichting (welke bijeenkomst we hopen spoedig na het uitkomen van dit rapport te doen verwezenlijken) uitvoerig stand van zaken over de financiën zal doen. In het algemeen is het zo: Op het eind van het jaar krijgt de Penningmeester van mij ‘n staat van rekeningen, welke ik in de loop van het jaar heb voldaan aan het onderhoud van het eiland; dit beloopt ieder jaar ‘n bedrag van ongeveer fl. 1500,- ; na aftrek van dit bedrag kan ik meestal aan de penningmeester nog een bedrag van fl.4500,- doen toekomen, welke ik t.g.v. de Van Hasseltstichting uit huren van het eiland heb ontvangen.
Tot de bezittingen van de Stichting behoren: Het eiland, de kampeerboot met uitrusting, 2 ijzeren roeiboten ( huidige waarde fl. 4500,- ), ‘n 16m2 zeilboot (h.w. fl. 4500,- ), ‘n motormaaier (h.w. fl 400,- ).

Omhoog

De kijk in de toekomst

Dit alles nog eens overlezend, kreeg ik enigszins de indruk door dit rapport aan een stuk eigen verheerlijking gewerkt te hebben; zou deze gedachte zich ook bij U hebben post gevat, dan zou ik dat zeer betreuren; dit was allerminst mijn bedoeling. Het is nu echter eenmaal van essentieel belang in verband met het voortbestaan van het eiland, de situatie te zien zoals ze gegroeid is.
Zoals ik reeds neerschreef, ik ben de Heren van de Stichting oprecht dankbaar voor hulp en raad in de vele beslissingen, die ik zonder hen niet had durven nemen. Evenwel, in de practische gang van zaken, zoals het onderhoud van het eiland, de organisatie, de bezettingen en de loop van de kampen konden zij moeilijk helpen. Werd ik in het begin met deze laatste zaken prettig bijgestaan door secretaris-penningmeester, de Hr. Stumpel, al heel vlug werd hij uitgeschakeld door een minder goede gezondheidstoestand. Practisch ging alles op mij drukken en dat kon ik verwerken omdat de omstandigheden daartoe erg gunstig waren: als Moderator had ik veel vrije dagen, lange vakanties en veel jeugd rondom me, die helpen kon en wilde; als pastoor beschikkend over ‘n machtige jeugdwerkbeweging in de parochie, die enorm veel werk kon verzetten en tenslotte schiep ik als zeilinstructeur van veel jeugd buiten de parochie veel relatie. U ziet, gunstige omstandigheden, ja, maar die, als ik er niet meer ben, juist moeilijkheden geven voor wat betreft de voortzetting van dit mooie werk.

Omhoog

Hoe nu in de toekomst?

We constateren thans: de ouder wordende stichtingsleden zien wijselijk de noodzakelijkheid in jongere krachten te vragen of zij bereid zijn zich in te werken in het werk van de Stichting. Het zal u evenwel uit het voorgaande duidelijk zijn geworden, dat het niet gemakkelijk zal zijn iemand te vinden, die in de gelegenheid is aan het eiland te doen wat ik met veler hulp kon doen. Gelukkig is het eiland op het moment in zodanige toestand, dat het voorlopig geen grote werkzaamheden meer vraagt; ook is de tijd voorbij dat men alleen over ‘n fiets kon beschikken. Verder is de financiële toestand zo, dat bij onverwachte grote werkzaamheden het werk aan een aannemer kan worden uitbesteed. De kleine werkzaamheden zoals het bijhouden van het gazon, snoeien en bijplanten van bomen, zorgen, dat de kampen kunnen beginnen, opruimen van de kampen, bijhouden en in conditie houden van inventaris etc. etc. zullen moeten geschieden door iemand uit Loosdrecht in nauw contact met de stichtingsleden. Wat betreft de bezetting van de kampen, ‘t verhuren van het eiland, dit kan het best in handen liggen van de Voorzitter voor wie bij mijn wegvallen- naar mijn mening de meest aangewezen persoon is Pastor Huysmans, in hoedanigheid van Pastor van het Villapark in Eindhoven; hij heeft veel van dit werk jarenlang met mij gedaan en kent de klappen van de zweep; bovendien is hij het beste in staat de dagelijkse financiële rompslomp van de kampen te regelen met de boekhouder van de kerk ook in verband met de subsidieregeling van de gemeente Eindhoven. Zo wordt ook het beste verzekerd, dat het eiland op de eerste plaats ter beschikking blijft van de jeugd van Eindhoven, een dringende wens van mij, die ik meen te mogen uiten!

Omhoog

Vragen en zorgen

Er blijven voor het nieuwe bestuur nog veel vragen en zorgen liggen. Vragen, zoals: zullen in de toekomst de zeilscholen en zeilkampen voldoende animo blijven wekken bij de jeugd: de jeugd wordt veel zelfstandiger en zoekt de ontspanning niet meer zo graag onder leiding; zal het “leren” zeilen in de toekomst nodig blijven; ziet u nog ‘n kind dat “leert” fietsen? het fietst al direkt; men hoeft al niet meer te “leren” zwemmen, men zwemt al heel jong; gezien de vele kleine scheepjes waarin de jeugd de mogelijkheid heeft zichzelf vlug te leren zeilen, maken zeilscholen en zeilkampen misschien al vlug overbodig of niet meer aantrekkelijk. De moeizame bezetting van veel zeilscholen wijst in die richting; zal de enorme verhoging van botenverhuur de kampen niet zo kostbaar gaan maken, dat een van de doelstellingen van onze stichting nl. iedere jongen en meisje, ook de minder bedeelde, de gelegenheid geven kennis te maken met de mooie zeilsport, financieel niet meer te verwezenlijken is? Zal de opvolger van de nieuwe voorzitter ook enthousiast blijven en de zaak willen runnen? Zorgen: zoals de ouderdom van de “Ome Jan”: moet men niet zo zoetjes aan naar een nieuwe “Ome Jan” uitzien?

Omhoog

Tot besluit

Beste lezer, de vernieuwing van het bestuur met jonge energie-volle mensen geeft de gewettigde hoop dat dit mooie- in zorgelijke dagen geboren zo moeizaam begonnen- met zoveel opoffering voortgezette- en zo zichtbaar geholpen jeugdwerk zijn vormende werking op de jeugd niet zal verliezen.
Vaak horen we nog zeggen: “Als het Holtus-eiland met zijn onafscheidelijke “Ome Jan” ‘ns kon praten, wat zou het ‘n verzameling worden van spetterend jeugdplezier en spannende avonturen van zovelen in den lande; dit werd alleen bereikt door ‘n belangeloze inzet van het bestuur en van de leiding der kampen.

MOGE HET ZO BLIJVEN !

L. Holtus
Voorzitter
30 Juni 1974

Omhoog

Geschiedenis van de Loosdrechtse Plassen

Het ontstaan van de plassen
De geschiedenis van het landschap de Vechtstreek
Ontwikkeling van de Vechtstreek
Gemeente Loosdrecht
Omhoog

Het ontstaan van de plassen

Het ontstaan van de plassen speelde zich in de 15e eeuw af. De grond bestond destijds voornamelijk uit laagveen. Uit een gebied van weidegronden gelegen tussen de rivier de Vecht en de uitlopers van de zandgronden van de Utrechtse heuvelrug ontstonden door turfwinning uiteindelijk ondermeer de Kortenhoefse plassen, Vinkenveense plassen en Loosdrechtse plassen.
Men groef vanaf de 16e eeuw aanvankelijk alleen de bovenlaag af tot aan de waterspiegel, maar in de 17e en 18e eeuw ging men ook beneden het grondwaterpeil veen ontginnen. Men groef langgerekte sloten, de trekgaten genoemd, die gescheiden werden door zogenaamde legakkers. Op deze smalle stroken werd het afgestoken turf te drogen gelegd. Door de intensieve ontvening, waarbij tenslotte ook de legakkers werden afgegraven, ontstonden grotere wateroppervlakten. Dit gebeurde op een dergelijk grote schaal, dat de grotere watervlakten, zich mede onder invloed van wind en golfslag, hebben uitgebreid tot de huidige plassen. Van de karakteristieke legakkerstructuur van het gebied zijn nog slechts de Kievitsbuurten, de westelijke oever van de 2e en 3e plas en het Muijeveldse gebied, bewaard gebleven. Na deze ‘ontveningsperiode’ verarmde de bevolking. Een porseleinfabriek werd uit Weesp overgebracht om de inwoners weer brood op de plank te geven. In de periode van 1774 - 1782 is het alom bekende - en nu zeldzame - Loosdrechtse porselein geproduceerd. In kasteel Seypensteyn, gelegen aan de Nieuw-Loosdrechtse dijk, is een museum ingericht waar het beroemde Loosdrechtse porcelijn wordt tentoongesteld.
In het begin van de 20e eeuw werd begonnen aan de ontwikkeling van het plassengebied tot recreatieoord. Na de tweede wereldoorlog kwam de recreatie sterk in opkomst en als men nu in de zomermaanden naar Loosdrecht gaat, zijn er meer dan 8.000 schepen te vinden op de plassen.

Omhoog

De geschiedenis van het landschap de Vechtstreek

De rivier de Vecht speelde een belangrijke rol bij de ontwatering van de Utrechtse heuvelrug, waarvan het zand in de voorlaatste ijstijd door gletsjers was opgestuwd. In de ondergrond van het Vechtplassengebied vindt je ook nu nog zand. Doordat het ijs smolt, steeg de zeespiegel en stagneerde de afwatering, zo ontstonden de uitgestrekte moerassen waardoor veenvorming plaatsvond op het zand. Men had niet alleen profijt, maar ook veel overlast van het water dat tot grote overstromingen kon leiden, wanneer het vanuit de toenmalige Zuiderzee werd opgestuwd. Het Noordelijk stroomgebied van de Vecht werd dan ook herhaaldelijk overspoeld zodat zeeklei over het veen werd afgezet en vele geulen en meertjes ontstonden. De Vecht heeft zich via talloze slingers en bochten een weg gebaand door de omliggende moerassen en veengebieden, aan weerszijden van haar stroomgeul oeverwallen opwerpend van zand en klei. In de 12e eeuw begon men met het ontginnen van de venen om landbouwgrond te verkrijgen. In een later stadium werden langs de Vecht dijken met wegen erop aangelegd en huizen gebouwd als basis voor nieuwe ontginningen. Zo ontstond de lintbebouwing van dorpen als Maarsseveen, Westbroek, Tienhoven, Breukeleveen, Kortenhoef en Ankeveen. Wie zich de rivier de Vecht voorstelt, zal daarbij vermoedelijk als eerste het beeld voor ogen hebben van de rijk versierde huizen langs het water met hun fraaie smeed-ijzeren hekken.

Omhoog

Ontwikkeling van de Vechtstreek

De ontwikkeling van de Vechtstreek maakte deel uit van de Amsterdamse drang naar het platteland. Aangezien het grondbezit in Holland en Utrecht aan het eind der middeleeuwen sterk was versnipperd boden de nieuwe polders de rijke Amsterdammers bijna de enige mogelijkheid om uitgestrekte landerijen te verwerven. De in goede doen geraakte Amsterdamse kooplieden zochten in de 17e en 18e eeuw emplooi voor een deel van hun geld in deze landerijen. In de plaatselijke boerderijen werd eerst een herenkamer ingericht als tijdelijk onderkomen tijdens uitstapjes naar hun landelijk bezit, later kwamen daar buitenhuizen voor in de plaats rondom welke steeds fraaiere tuinen aangelegd werden. Doorgaans werd een klein deel van de landerijen gereserveerd voor een lusthof of buitenplaats. Het type buitenverblijf wat bijzonder in trek was in die tijd, is de combinatie van buitenhuis en boerderij in een gebouw (de herenboerderij). In de Vechtstreek zien we deze nauwelijks. Wel is het waarschijnlijk dat een aantal buitenverblijven zijn gebouwd naast - of op de plaats van - een oude boerderij. De verandering van de Vecht, van een agrarisch landschap tot een lintbebouwing met buitenplaatsen begon rond 1625 en was voor 1720 voltooid.

Omhoog

Gemeente Loosdrecht

De gemeente Loosdrecht is gelegen in de provincie Utrecht en is 3275 ha. groot, waarvan 1758 ha. uit water bestaat. Op dit moment vormt de Gemeente Loosdrecht de kernen Nieuw- en Oud-Loosdrecht, de Boomhoek, het Muyeveld en Breukeleveen.
De Gemeente Loosdrecht telt ruim 8.900 inwoners, waarvan velen hun boterham verdienen aan de waterrecreatie. Loosdrecht wordt zodoende ook wel de watertuin van Nederland genoemd. Het is een uniek plassengebied, met veel aanbod aan het toerisme. Er zijn mogelijkheden om te zeilen, waterskiën, para-sailen, vissen of om een rondvaart te maken. Winkelen, lekker eten, of gezellig borrelen in de vele cafés, restaurants, hotels en botels of op de terrasjes aan het water en langs de dijken zijn vooral de geliefde bezigheden van toeristen. Voor degenen die geen boot hebben maar toch een tochtje willen maken zijn er genoeg mogelijkheden om schepen, zeilboten, jachten, kano’s, roeiboten enzovoorts te huren.

Omhoog

Impressie van de Loosdrechts Plassen

De Loosdrechtse Plassen rond

Landelijk bekend en centraal gelegen, vormen de Loosdrechtse plassen een uniek recreatiegebied. Het gebied bestaat uit zeven plassen; de Eerste tot en met de Vijfde plas, de Vuntus en de Breukeleveense of Stille plas. Een achtste plas, die niet in gebruik voor de watersport is, betreft de Loenderveenseplas. Deze plas heeft de functie van waterwingebied, en staat ook wel bekend als de 'Waterleidingplas'. Als vaar/zwem of vis -water is het verboden gebied. De 'genummerde' plassen hebben open verbindingen met elkaar. Eigenlijk is het een grote plas met vele eilanden. Een rij eilanden vormt daarbij vaak de grens tussen deze plassen.

Omhoog

Kaart van de Loosdrechtse Plassen

Omhoog

Aankomst op de Loosdrechtse Plassen

De meeste vaartuigen vinden toegang tot de Loosdrechtse plassen vanaf de rivier de Vecht middels de Mijndense sluis. Na het passeren van de Mijndense sluis ziet je aan bakboordzijde een grote camping en aan stuurboord een mooi weidelandschap als contrast. Je vaart dan op de Westelijke Drecht. Ga je stuurboord uit bij de eerste gelegenheid, dan volgt je de nieuwe brede route waarna je korte tijd later uitkomt op de Tweede plas. Waterwegwijzers op dit punt helpen je in de gewenste richting. Als je besluit rechtdoor te gaan en aan bakboordzijde de oever te volgen, dan komt je na enige tijd eilanden in het verlengde van die oever tegen. Ter hoogte hiervan zie je aan bakboordzijde de Eerste plas.

Omhoog

De 1e Plas

Aan de oevers van de Eerste plas is de grootste concentratie van jachthavens, cafés, restaurants en winkels te vinden. Alle aan de Veendijk en Oud-Loosdrechtsedijk. Op de Oud-Loosdrechtsedijk 198 vindt je het VVV-kantoor. Behalve een enkel rieteilandje zul je in deze plas geen eiland aantreffen. De eerste eilanden die je ziet vormen de grens met de Tweede plas. Het grootste eiland in het midden is Robinson Crusoë. Dit eiland is in gebruik door de stichting 'Watersport met gehandicapten', en is niet openbaar.

Omhoog

De 2e Plas

In oostelijke richting van de Eerste plas vindt je de Oostelijke Drecht. Midden in de weilanden vindt deze Drecht in de 'Ster' zijn eind. Kort daarvoor kunt je ook bakboord uit, de ondiepe 's-Gravelandsevaart opgaan welke via een zelf te bedienen sluisje uitkomt op het Hilversums kanaal. Bij Robinson Crusoë weer Zuidelijk koersend, steekt je de Tweede plas over en ziet je recht vooruit een groter eiland met een binnenhaven en een zwemstrandje. Dit eiland heet Marcus Pos en is wèl openbaar. De binnenhaven telt enkele tientallen gratis ligplaatsen, overnachten mag, maar er geldt een maximaal toegstane ligduur. Kamperen op alle Loosdrechtse eilanden is echter verboden, hetzelfde geldt voor het maken van kampvuren. Het zwemstrandje van Marcus Pos is zeer geschikt voor kleine kinderen. Toiletten en afvalcontainers zijn aanwezig nabij de haven. De Oostelijke zijde van de Tweede plas vorm een soort kom, deze is hier en daar ondiep, en heet de Wastobbe. Dit punt is op warme dagen een geliefd punt bij bootbezittende zonaanbidders. Soms vormt zich hier een soort drijvend dorpje.

Omhoog

De 3e Plas

Nadat je Marcus Pos bent gepasseerd, vaart je op de Derde plas. Je ziet dan weer de vaste wal en wel de Nieuw-Loosdrechtsedijk, waaraan ook weer vele jachthavens, caravanparken en enkele restaurants gevestigd zijn. De doorgang tussen het einde van deze dijk, de landtong de Hooge Wilgen, en het eerstvolgende eiland heet 'Het gaatje van Muijeveld'. Het genoemde eiland is openbaar en heet Geitekaai. Dit eiland heeft een kleinere binnenhaven met enkele ligplaatsen, wat zonneweiden, speelvelden en verder geen faciliteiten. Ook hier gelden de eilandregels van het Plassenschap. Als laatste kan van deze plas nog vermeld worden dat de westzijde wordt begrensd door trekgaten die uitkomen op de Muijeveldse Wetering.

Omhoog

De 4e Plas

Zuidelijk koersend, door het Gaatje van Muijeveld, komt je op de Vierde plas. De bakboordoever vormt het Breukeleveense Meentje en de Herenweg. Ook hier zijn weer vele jachthavens, restaurants en een supermarkt. De horizon aan stuurboord is een decor van rietkragen en een eilandenrij, waarachter de Kalverstraat loopt. Dichterbij aan stuurboordzijde ziet je nog een eiland. Dit is de 'Weer', een groter eiland met aan de Noord- en Zuidzijde enkele ligplaatsen. Naast enkele zonneweiden zijn hier verder geen faciliteiten. Recht-vooruit ziet je eiland Meent, het grootste van Loosdrecht. Een binnenhaven is gecombineerd met een zwemstrandje. In deze binnenhaven mogen geen kajuitjachten afmeren in verband met de zwemwater-kwaliteit en het onder alle omstandigheden beschut kunnen afmeren van kleine open schepen. Er zijn echter verder aan alle zijden van het eiland vele ligplaatsen ook voor kajuitjachten. Als enige eiland bevindt zich hierop een snackbar. Toiletten en afvalcontainers veraangenamen het verblijf.

Omhoog

De 5e Plas

Na het passeren van eiland Meent komt je op de Vijfde plas. Deze plas wordt veel gebruikt door windsurfers en zwemmers. Let vooral op deze plas op zwemmers die nogal eens een oversteekje wagen. Op deze plas mag niet worden snelgevaren. De Zuidelijke oever is de recreatiestrook aan de Nieuweweg en het Tienhovens kanaal. Dit grasstrand is het zomerdomein van duizenden zonaanbidders, surfers, zwemmers en vissers. Op het midden van deze strook bevindt zich een snackbar en restaurant. Faciliteiten in de vorm van toiletten en ligplaatsen zijn op meerdere plaatsen aanwezig.
Aan de westzijde van de Vijfde plas treft je een prachtige waterwereld aan in de Kalverstraat en de daarachter gelegen Kievitsbuurten. Fantastisch natuurschoon van deze door veenafgravingen ontstane legakkers en trekgaten alsmede unieke pittoreske recreatiewoningen vullen elkaar harmonieus aan. Het zuidelijke deel van de Kievitsbuurt is verboden voor motorvaart. Dit gebied maakt deel uit van de gemeente Breukelen. Aan de uiteinden van de trekgaten ligt de Scheendijk met tal van jachthavens en winkels. De Kalverstraat komt aan de Noordzijde, na enkele tientallen laatste bochtige meters, uit in de hoek van de Derde plas. Kort daarvoor is het mogelijk om bakboord uit de Weersloot in te gaan en zo via de handbediende Weersluis de Vecht op te varen.

Omhoog

De Vuntus

Voor degenen die van rust houden, is er de ongerepte Vuntus met een bijzondere plantengroei en een uniek vogelbestand. De Vuntus bereikt je vanaf de Eerste plas via de smalle Heulsloot met halverwege een vaste brug, zodoende is dit alleen geschikt voor kleinere vaartuigen. Het aangrenzende gebied is een fraai laagveenmoeras omzoomd door sloten en moerasbossen. Een prachtig natuurgebied. In bepaalde delen van de Vuntus is geen motorvaart toegestaan, maar zijn hele mooie kano-routes uitgezet. Huurkano's en roeiboten zijn aan deze plas te verkrijgen. Ook is er een recreatiestrandje aan deze plas, met name geschikt voor kleinere kinderen.

Omhoog

De Breukeleveenseplas

De Breukeleveenseplas of Stille plas is vanaf de Derde plas toegankelijk middels de Kostverlorenvaart. Deze doorgang is ondiep en smal en heeft een vaste brug. De Stille plas doet haar naam eer aan door natuurschoon en het geringere bezoekersaantal. Ook vanaf de Vierde plas biedt de ondiepe en smalle Weersloot met een vaste brug toegang tot dit water. Behalve woningen aan de noord- en westoevers bevinden zich aan de oostzijde een aantal caravanparken die via de Weersloot bereikbaar zijn. Achter de zuidelijke oever bevinden zich de Tienhovense plassen die - behalve met een kano - vanaf deze plas niet toegankelijk zijn.

Omhoog